Nú verantwoordelijkheid pakken, sterker de toekomst in

AM ontwikkelt gebieden die niet alleen voldoen aan de eisen van nu, maar ook aan die van de toekomst. Positieve impact maken in gebieden door klimaatadaptief en natuurinclusief te ontwikkelen. Dat is wat wij doen. Julia Bloem, Projectmanager Duurzame Gebiedsontwikkeling, legt uit hoe we biodiversiteit en klimaatadaptatie meenemen in al onze projecten.

Een woning verduurzamen en verbouwen, dat doe je het liefst vóór je erin trekt en niet nadat je er al een paar jaar woont. Dat geldt in het groot voor gebiedsontwikkeling. Als je een gebied duurzamer en biodiverser wil maken en wil voorbereiden op klimaatverandering, dan vraagt dat om vooruitdenken. Julia: “Als we een gebied ontwikkelen is dat dé kans om positieve impact te maken op verschillende aspecten van een gebied. We ontwikkelen niet alleen woningen. We verbeteren het hele gebied. Die verantwoordelijkheid pakken we om meteen de juiste keuzes te maken voor de toekomst.”

We combineren duurzaamheid met gezondheid en sociale impact door gelijktijdig te kijken naar speel- en wandelvoorzieningen zoals natuurspeeltuinen en ontmoetingsplekken zoals parken.

De juiste afwegingen voor de toekomst

AM heeft hierbij een helder doel voor ogen. Julia: “Door klimaatrobuust in te richten, dus zorg te dragen voor de bodem, het water en de biodiversiteit, creëren we een zo fijn mogelijke, gezonde, groene leefomgeving.” Dat levert volgens Julia aan alle kanten winst op: “Zowel voor de natuur als voor de toekomstige bewoners. Want duurzaamheid staat nooit op zichzelf. Het draait ook om sociale duurzaamheid en de gezondheid van toekomstige bewoners. We nemen het integraal mee in de leefbaarheid van de hele buurt. We combineren duurzaamheid met gezondheid en sociale impact door gelijktijdig te kijken naar speel- en wandelvoorzieningen zoals natuurspeeltuinen en ontmoetingsplekken zoals parken. We maken voor elk gebied de juiste afwegingen voor de toekomst.”

Risico’s en kansen vroeg in kaart brengen

Om dit voor elkaar te krijgen, heeft het duurzaamheidsteam van AM verschillende middelen tot zijn beschikking. Julia: “Van tools zoals de omgevingsscan tot processtappen die we doorlopen. Behalve de middelen die zich al bewezen hebben, testen we in nieuwe ontwikkelingen ook innovaties om te bepalen of we deze kunnen opschalen naar alle ontwikkelingen.” Een voorbeeld van zo’n maatregel is de NL Omgevingsscan die nu veel gebruikt wordt bij AM: “Op het gebied van klimaat gebruikten we eerst onze eigen Klimaateffectscan. Sinds kort zijn we overgestapt op de integralere NL Omgevingsscan van NL Greenlabel. Met de scan brengen we al vroeg in kaart wat de verschillende risico’s en kansen op de thema’s klimaat, biodiversiteit en gezondheid zijn voor een gebiedsontwikkeling. Het laat zien waar in het gebied een groter risico is op wateroverlast, hitte en in welke mate er groen aanwezig is. We koppelen daar gelijk maatregelen aan. Zo houden we daar vanaf het begin rekening mee. Is er bijvoorbeeld een hoge kans op wateroverlast door toename van piekbuien, dan zijn wadi’s een mogelijke oplossing. Dit nemen we dan meteen mee in het ontwerp van het gebied. Zo voorkomen we dat we later in het proces moeten kiezen voor dure, minder duurzame oplossingen in de gebouwen zelf.”

Bewijslast voor impact

Ook data zijn van belang voor het juiste duurzame ontwerp van een gebied. “Op basis van data kunnen we beter sturen op het maken van de juiste keuzes. Zo kunnen we tijdens het ontwerpproces klimaatsituaties nabootsen en zien wat voor effect het ontwerp heeft op verschillende klimaatthema’s. We controleren onze ontwerpen op deze manier steeds vaker met behulp van de ontwerpvalidatietool van NL Greenlabel en maken daardoor betere keuzes. Daarnaast is data belangrijk, omdat het bewijs levert. Met de juiste data kunnen we laten zien dat onze maatregelen impact hebben en de moeite waard zijn om toe te passen in andere gebieden.”

Huisecoloog borgt ambities

Belangrijk voor de biodiversiteit is AM’s huisecoloog die al vroeg aanhaakt. “We willen voor alle ontwikkelingen minimaal voor vijf doelsoorten een leefomgeving creëren. Onze huisecoloog geeft inzicht in welke soorten zich kunnen vestigen in een gebied, wat eventuele risico’s zijn en hoe we ons ontwerp natuurinclusief kunnen maken. Daarbij kijkt de ecoloog naar de 5 V’s: voedsel, veiligheid, variatie, voortplanting en verbinding. Steeds vaker blijft de huisecoloog betrokken gedurende de hele gebiedsontwikkeling. Zodat in alle ontwerpfases onze ambities overeind blijven. We monitoren bij verschillende projecten na oplevering of de maatregelen om biodiversiteit in het gebied te stimuleren ook effect hebben gehad. Zo hebben we dat ook gedaan bij Landgoed Wickevoort.”

Op de juiste momenten expertise aanhaken, maatregelen vroegtijdig borgen en ontwikkelaars enthousiast maken zijn manieren waarop ik dit ga realiseren.

Breng het in de praktijk

Als eenmaal is bepaald op welke vlakken een gebied versterkt moet worden, hebben de ontwikkelaars praktische informatie nodig. Julia: “Ontwikkelaars kunnen dan bijvoorbeeld gebruik maken van onze AM Klimaatwaaier. Hierin staat voor zo’n 22 maatregelen beschreven wat de baten, kosten, subsidiemogelijkheden en mogelijke leveranciers zijn. Van natuurlijke oplossingen zoals het toevoegen van compost aan de bodem tot technische oplossingen zoals een circulair watersysteem dat regenwater opvangt en hergebruikt voor bewatering of doorspoelen van wc’s.” Julia’s team werkt zoveel mogelijk met schaalbare oplossingen die op verschillende locaties in te zetten zijn. Toch blijft het ook maatwerk. Julia: “De uitdagingen zijn niet overal hetzelfde, dat verschilt per locatie, maar ook of een gebiedsontwikkeling binnen- of buitenstedelijk is. Daarnaast brengen bepaalde gebieden ook kansen met zich mee en daar scherpen we onze ambities dan juist verder aan. Zo hebben we in de Omloop in Utrecht een gemeenschappelijke tuin gemaakt waar bewoners elkaar kunnen ontmoeten en waar kinderen kunnen spelen. De tuin is tegelijkertijd een wadi. We hebben ingezet op maximale vergroening met gevarieerde beplanting en bomen om ook schaduwplekken te maken tegen hittestress. Voor zowel mens als dier heeft deze tuin meerdere functies én het is klimaatadaptief.”

Zo simpel mogelijk met groots effect

Julia’s focus ligt de komende tijd op het verder uitwerken van een ambitieuze standaard: “Een duidelijke werkwijze waarmee we als gehele organisatie aan de slag kunnen. Je kunt nog zo’n mooie tool hebben met goede data, maar het gaat er ook om of die daadwerkelijk leidt tot het maken van de juiste keuzes.” Ze wil het voor de ontwikkelaars zo simpel mogelijk maken om grote impact te maken. Dat brengt uitdagingen met zich mee: “Omdat klimaat- en biodiversiteitsopgaven complex zijn en verschillend per locatie. Bovendien liggen de kosten en baten soms uit elkaar. Wanneer je als ontwikkelaar in een vroeg stadium investeert in groen, levert dat pas later voordelen op voor bewoners, omdat er dan minder overlast is door klimaatverandering. Dit zijn maatschappelijke baten die lastig meetbaar zijn en zich niet altijd laten terugverdienen in de businesscase.” Toch gaat Julia die uitdaging graag aan. “Op de juiste momenten expertise aanhaken, maatregelen vroegtijdig borgen en ontwikkelaars enthousiast maken zijn manieren waarop ik dit ga realiseren.

Lees ook