AMuse: placemaker Wouter Jan Verheul

Elke jaar in juni verschijnt de AMuse; hét magazine van AM over placemaking. Inspirerend en informerend. Voor iedereen die geïnteresseerd is in placemaking en alles wat daarbij hoort. Met bijzondere placemakers, spraakmakende interviews, boeiende verhalen, het laatste nieuws op het gebied van placemaking en nog veel meer. In de aanloop naar de nieuwe editie publiceren we  maandelijks 'AMuse; placemakers aan het woord'. Deze keer: Wouter Jan Verheul

Beroep: Senior onderzoeker / universitair docent gebiedsontwikkeling (TU Delft) en zelfstandig adviseur
Trots op: Dat ik met mijn proefschrift Stedelijke iconen en andere publicaties wetenschap en praktijk dichter bij elkaar kan brengen
Key in placemaking is… Dat de fysieke, sociale en mentale interventies in de (semi-)publieke ruimte zijn verankerd in het DNA van de plek

Brug slaan

“Ik ben geen placemaker die met een concreet fysiek ontwerp bezig is. Ik ben meer iemand die als adviseur en onderzoeker anderen helpt. Ik heb een grote passie om –gebaseerd op onderzoek – te adviseren over hoe wij aantrekkelijke gebieden kunnen maken. Het geeft mij enorm veel voldoening als ik hiermee mensen kan inspireren. Als ik (middels de resultaten van deze onderzoeken) wetenschap en praktijk dichter bij elkaar kan brengen en een verschil kan maken.”

Openbaring

“De wijze waarop beeldbepalende stedelijke gebouwen en gebieden tot stand komen, heeft mij altijd gefascineerd. In mijn proefschrift Stedelijke iconen heb ik ook geprobeerd in kaart te brengen waarom het ene iconische project slaagt en het andere niet. Ik ontdekte dat dit niet alleen afhangt van bestuurs- en bedrijfskundige factoren. De ontwikkeling van de publieke ruimte en placemaking blijken vaak van doorslaggevend belang: een project kan nog zo perfect worden opgeleverd, maar als het iedere verankering in de plek mist, is de kans op teleurstelling groot.”

Stad op ooghoogte

“Het belang van die verankering wordt nog te vaak vergeten. Maar het gaat niet alleen om dat prestigieuze gebouw en die grote ambitie. Het gaat erom wat zo’n gebouw voor de omgeving en zijn gebruikers doet. Dat is de waarde van placemaking. Placemaking leert ons naar de kleine directe gebruiksschaal van een gebied te kijken. Van vogelperspectief naar de stad op ooghoogte.”

Co-productie

“Hoe komt een gebied tot leven? Als wij het hebben over de publieke ruimte en placemaking gaat het niet alleen om fysieke maar ook om sociale interventies, gaat het niet alleen om de buiten- maar ook om de binnenruimtes, en ten derde gaat het niet alleen om de publiek beheerde plekken maar ook om de privaat beheerde. Idealiter is een ontwikkeling een coproductie van de ontwikkelaar, de overheid en het maatschappelijk middenveld.”

Ivoren toren

“De publieke ruimte, placemaking en participatie zijn nauw met elkaar verbonden: voor het maken van iconische projecten is de publieke ruimte van belang. Het laden daarvan gebeurt middels placemaking en als je het laatste goed wilt doen, moet dit in constante samenspraak met de omgeving. Co-design van professional en community moet het uitgangspunt zijn. Mijn onderzoeken hebben mij geleerd dat wanneer grote ontwikkelingen en projecten te veel vanuit de ivoren toren van de bestuurskamer en tekentafel van de ontwerper worden gemaakt, de kans groot is dat ze falen.”

Schijnparticipatie

“Ik pleit ervoor om in een zo vroeg mogelijk stadium met placemaking te beginnen. Wat ik nog teveel zie gebeuren is dat het even tijdelijk wordt gedaan of als reparatie achteraf. Of dat ontwikkelaars als het plan klaar is gebruikers informeren over wat er straks gaat komen. Dit noem ik schijnparticipatie. Placemaking is een permanente opgave. Als het goed gebeurt, kan het aantrekkingskracht toevoegen aan een gebied. En uiteindelijk vertaalt zich dat ook in economische waarde.”