Gedurfde duurzaamheid

Strategie

Gedurfde Duurzaamheid is niet zomaar een thema. Het is de strategie waarbij we in nieuwe gebiedsontwikkelingen met partners innovatieve oplossingen zoeken. Het centrale doel is om de negatieve impact op het klimaat van onze woon- en werkgebieden tot een minimum te reduceren én deze toekomstbestendig te maken. Met onze oplossingen ontwikkelen we opschaalbare duurzame gebieds- en gebouwconcepten die in alle projecten geïmplementeerd kunnen worden. De duurzame oplossingen toetsen we aan onze duurzaamheidscriteria zoals milieufootprint maar ook aan andere thema’s zoals inclusieve stad en healthy urban living & working. Vanuit het AM onderzoeksbureau Measure toetsen we de oplossingen bij de woonconsument.

Opschaalbare concepten

De afgelopen jaren hebben we gewerkt aan de eerste opschaalbare concepten. Op energiegebied hebben we ons eigen Nul op de Meter concept ontwikkeld die nu in projecten over heel Nederland wordt gerealiseerd. Circulair ontwikkelen hebben we vertaald in circulair prestatiemodel voor circulaire architecten- en bouwselecties. In samenwerking met de Provincie Zuid-Holland hebben we een klimaatchecklist ontwikkeld voor klimaat adaptieve en biodiverse gebiedsontwikkeling. Met onze Mobiliteitsaanpak bieden hebben we een werkwijze om het autobezit- en gebruik terug te dringen door het inpassen van deelmobiliteit.

Energietransitie

Met nieuwe gebiedsontwikkelingen maken we in één keer de stap naar energieneutraal. Dat doen we door de energiebehoefte te minimaliseren, duurzame warmte- en koudesystemen en het opwekken van hernieuwbare energie. Maar ook het verslimmen van deze energiesystemen hoort bij de energietransitie. Het doel is om meer van de opgewekte energie in de woning en het gebied toe te passen zodat verduurzamen niet ten koste gaat van de capaciteit en stabiliteit van het energienetwerk.

Gasvrij en energieneutraal voor Nieuwbouw
Nieuwbouw heeft een specifieke energiebehoefte. Deze is namelijk heel laag doordat nieuwbouw hele hoge isolatiewaarden kent vanuit het bouwbesluit. De grootste uitdaging is niet de woning te verwarmen maar om deze koel te houden in de zomer. De meest comfortabele en energiezuinige energiesystemen voor nieuwbouw zijn daarom lagetemperatuur systemen die ook duurzaam koelen. Denk aan een warmtepomp voor een grondgebonden woning of een collectieve Warmte- Koudeopslag voor appartementen. Een bijkomend voordeel is dat de benodigde energie voor deze oplossingen lokaal met zonnepanelen wordt opgewekt. Helemaal energieneutraal.
Energieneutraal voor de eindgebruiker
Uit een groot onderzoek naar duurzame nieuwbouw blijkt dat gasvrij wonen al ver voor het vervallen van de gas aansluitplicht een pre is voor de woonconsument. In 2016 is AM begonnen met het gasvrij maken van nieuwe projecten. Maar het echte voordeel zit hem in energieneutrale woonconcepten door de lagere maandlasten en betere financierbaarheid. Op dit vlak kan nieuwbouw iets bieden wat in de bestaande woningmarkt nog weinig voorhanden is. Maar ook in de bestaande bouw is inmiddels aangetoond dat het energielabel en de aanwezigheid van zonnepanelen een positief effect heeft op de verkoopwaarde. Energieneutrale woningen sluiten helemaal aan op de behoefte onder onze klanten.
Slimme energiesystemen en de salderingsregeling
In 2017 is AM begonnen met haalbaarheidsstudies naar slimme energiesystemen. Smart Grids voor hele wijken, batterijen bij woningen en energie-uitwisseling tussen gebruikers zijn verkend maar konden doorgaans niet uit omdat salderen naar het net altijd een betere business case opleverde. Met het afbouwen van de salderingsregeling gaat dat veranderen. Daarom hebben we de meest kansrijke slimme oplossingen om de energie lokaal te houden weer opgepakt. De volgende stap in de energietransitie voor AM is niet nog meer hernieuwbare energie realiseren maar de opgewekte energie ook daar te gebruiken waar het opgewekt wordt: in het gebouw en in het gebied.

Circulair Ontwikkelen

De transitie naar een circulaire economie is ingrijpend voor de vastgoedsector en ook hard nodig. Het belangrijkste doel om werk te maken van circulair ontwikkelen is voor AM het reduceren van de milieufootprint. We geven hier vorm aan op drie manieren. Allereerst hebben we een circulair prestatiemodel ontwikkeld om circulaire selecties toe doen voor partners als architecten en bouwers. Daarnaast werken we aan circulaire verdienmodellen waarbij meer materialen na de levensfase terug gaan naar de producent of leverancier voor hergebruik. Concreet doen we onderzoek naar ‘Gevel as a service’ en een take back programma voor onze afbouwpartners. Tot slot werken we aan innovatieve oplossingen om kringlopen in gebiedsontwikkelingen te sluiten, zoals de gft-afvalkringloop.

Circulair en gedurfde duurzaamheid
Duurzame ontwikkeling is en blijft het centrale doel. Dat wil zeggen dat we gebieden ontwikkelen zonder het klimaat, natuur en milieu te belasten zodat volgende generaties ook een toekomstperspectief hebben. Circulariteit biedt hiervoor een nieuw perspectief en is meer gericht om duurzame grondstoffen en productiemethoden. We grijpen de circulaire economie dan ook aan om de productie van onze gebouwen te verduurzamen. En dat past helemaal in de strategie Gedurfde Duurzaamheid waar we in nieuwe projecten op zoek gaan naar de overtreffende trap van duurzame ontwikkeling om zo tot opschaalbare oplossingen te komen.
AM en de ‘Performance Economy
De performance economy is een manier om ook op andere waarden te sturen dan finaniële parameters. AM heeft hiertoe een circulair prestatiemodel ontwikkeld. Op basis van zes circulaire kwaliteiten kunnen we producten en partners selecteren en projecten evalueren. Dat doen we zo integraal mogelijk. Zo kijken we naar de milieufootprint van de materialen en de bouw maar ook naar de energieprestatie. We meten het effect op gezondheid en sturen het ontwerp op flexibiliteit en losmaakbaarheid. Ook de business case is hier onderdeel van. Onderdeel van een circulaire ‘performance economy’ is dat we als maatschappij meer betalen voor de geleverde prestaties of diensten.
Kringlopen sluiten
Voor een circulaire vastgoedeconomie is schaal nodig. Dat geldt ook voor een circulaire leef- en werkomgeving. Als gebiedsontwikkelaar onderzoeken we welke kringlopen er op gebiedsniveau opgelost kunnen worden. Dit gaat verder dan de losmaakbaarheid en gebouwpaspoorten van vastgoed. Hier kijken we naar de uitwisseling van warmte tussen gebouwen, afvalkringlopen zoals het lokaal inzamelen en verwerken van gft en synergie tussen woon-, werk -en retail functies. Maar ook een veranderend productielandschap waarbij in woonwijken plekken komen voor upcycling en reparaties zoals Buurman Utrecht en lokale voedselproductie die weer gelinkt kan worden met horeca of een bedrijfskantine. Hoe een circulaire leefomgeving er precies uit gaat zien moet de toekomst uitwijzen. Vanuit AM geven we hier graag vorm aan!

Klimaatadaptatie

Het klimaat verandert. Dat leidt tot meer regenval, hogere waterstanden in de rivieren en van de zee maar ook drogere en hetere zomers. Dit heeft ook impact op de biodiversiteit, die staat in Nederland onder grote druk waarbij het aantal dier- en plantsoorten jaar op jaar afneemt. Gebiedsontwikkeling biedt een kans om dit tij te keren door groene oplossingen voor waterberging, hittestressreductie en zo een boost geven aan de inheemse dier- en plantsoorten. AM heeft hiervoor een werkwijze ontwikkeld en past het toetsingsinstrument toe wat in samenwerking met de Provincie Zuid-Holland en andere convenantpartners tot stand is gekomen.

Klimaatadaptieve gebiedsontwikkeling
Klimaatadaptatie betekent voor AM dat we in onze gebiedsontwikkelingen rekening houden met een veranderend klimaat, nu en in de toekomst. Zo houden we rekening met de piek regenbuien die we in de toekomst kunnen verwachten. Maar ook het reduceren van hittestress door het toepassen van groen, bomen en energiesystemen die duurzaam kunnen koelen. Met deze groene maatregelen willen we tevens een positieve impact realiseren voor de lokale biodiversiteit. We toetsen onze oplossingen aan het instrument ontwikkeld in samenwerking met de Provincie Zuid-Holland.
Nieuwbouw en waterveiligheid
Op dit moment is de waterveiligheid in Nederland goed, maar er zijn wel uitdagingen. Op watergevoelige plekken werken we samen met de gemeente en waterschappen om tot een toekomstbestendige en waterveilig plan te komen. Zo is AM partner van het traject Klimaatadaptief Bouwen van de provincie Zuid-Holland waar normen worden gehanteerd die AM nu standaard meeneemt in nieuwe gebiedsontwikkelingen. Welke maatregelen er nodig zijn om de waterveiligheid te borgen verschilt per locatie, de bodemsoort en het typebebouwing.
Klimaatadaptatie en bewoners
Bewoners kunnen hun tuin of balkon groen inrichten om zo meer regenwater op te vangen. Met de juiste inrichting van planten en bomen kan een tuin bijdragen aan de biodiversiteit. AM adviseert kopers om de helft van hun tuin groen en zonder bestrating in te richten. Maar ook niet woongebouwen kunnen bijdragen door extra waterberging te realiseren op daken en in de openbare ruimte, of zelfs toiletten van kantoren of horeca met regenwater te laten doorspoelen.

Duurzame Mobiliteit

Veel Nederlandse gemeenten hebben een woningbouwopgave. Tegelijkertijd is er een mobiliteitsopgave. Dat betekent dat voor nieuwe woon-, werk- en winkelgebieden nieuwe oplossingen gevonden moeten worden om automobiliteit te reduceren en duurzame alternatieven te stimuleren. Dat doet AM door op drie niveaus: een autoluw stedenbouwkundig ontwerp, onderzoeken van de mobiliteitsbehoefte van de toekomstige bewoners en tot slot het aanbieden van alternatieven voor de eerste en/of tweede autobehoefte. Met verschillende mobiliteitspartners werken we aan multimodale deelmobiliteitsoplossingen voor woon- en werkfuncties.

Deelmobiliteit, is dat vooral iets voor de grote steden?
Uit onderzoek blijkt dat op alle locaties er kansen zijn voor deelmobiliteit. De meeste impact op het reduceren van het autobezit- en gebruik is in steden met een goed openbaar vervoer omdat deze minder autoafhankelijk zijn. In gebieden buiten deze steden zijn veel bewoners bereid hun tweede auto weg te doen als er een goed, duurzaam alternatief wordt aangeboden. De verhuisbeweging is daarbij een ‘window of opportunity’ die AM wil gebruiken om duurzame mobiliteit te stimuleren. Deelmobiliteit is dus vooral iets voor nieuwe gebiedsontwikkelingen, van de stad tot het buitengebied.
Welke ervaring heeft AM met mobiliteit?
In 2019 heeft AM op uiteenlopende locaties onderzoek gedaan naar de mobiliteitsbehoefte en de mogelijkheden van deelmobiliteit. Daaruit blijkt dat mensen die op zoek zijn naar een nieuwe woning in grote mate bereid zijn om gebruik te maken van deelmobiliteit in plaats van de eigen (tweede) auto. De eerste pilots zijn vooralsnog een succes en worden gecontinueerd. Daarbij valt op dat ook omwonenden van het project gebruik maken van het deelmobiliteitsaanbod.
Elektrische Deelmobiliteit
Niet alle deelauto’s zijn per definitie elektrisch. De gebruikskosten van elektrische deelauto’s zijn op dit moment nog hoger dan van een benzineauto. Om voor alle bewoners een betaalbaar alternatief aan te bieden kiezen we er soms ook voor om ook benzineauto’s aan te bieden. We stemmen het aanbod zoveel mogelijk af op de behoeften van onze klanten. AM is deelnemer aan de city deal elektrische deelmobiliteit en werkt aan diverse pilots ervaring op te doen met opschaalbare oplossingen.

Werkwijze

AM heeft duurzaamheid onderdeel gemaakt van haar werkwijze voor gebiedsontwikkeling. Vanuit de strategie ‘Gedurfde Duurzaamheid’ worden voor alle nieuwe projecten duurzame ambities opgesteld. Vervolgens worden mogelijkheden en beperkingen voor duurzame oplossingen geanalyseerd. De ambitie en mogelijkheden vormen de duurzaamheidsvisie voor een gebied. Met partners wordt deze verder uitgewerkt, in samenhang met het ontwerp van de wijk, de doelgroepen, woningtypen, enzovoort. Dit leidt tot een integraal Duurzaamheidsplan, een soort masterplan voor duurzaamheid. In de uitwerking worden de duurzame oplossingen uitgewerkt in de engineering fase, gecommuniceerd richting de klanten en eindgebruikers, gerealiseerd, opgeleverd en na oplevering gemonitord.

WP_Query Object
(
    [query] => Array
        (
            [posts_per_page] => 3
            [post__in] => Array
                (
                    [0] => 23362
                    [1] => 24847
                    [2] => 27344
                )

            [post_status] => any
            [orderby] => post__in
        )

    [query_vars] => Array
        (
            [posts_per_page] => 3
            [post__in] => Array
                (
                    [0] => 23362
                    [1] => 24847
                    [2] => 27344
                )

            [post_status] => any
            [orderby] => post__in
            [error] => 
            [m] => 
            [p] => 0
            [post_parent] => 
            [subpost] => 
            [subpost_id] => 
            [attachment] => 
            [attachment_id] => 0
            [name] => 
            [pagename] => 
            [page_id] => 0
            [second] => 
            [minute] => 
            [hour] => 
            [day] => 0
            [monthnum] => 0
            [year] => 0
            [w] => 0
            [category_name] => 
            [tag] => 
            [cat] => 
            [tag_id] => 
            [author] => 
            [author_name] => 
            [feed] => 
            [tb] => 
            [paged] => 0
            [meta_key] => 
            [meta_value] => 
            [preview] => 
            [s] => 
            [sentence] => 
            [title] => 
            [fields] => 
            [menu_order] => 
            [embed] => 
            [category__in] => Array
                (
                )

            [category__not_in] => Array
                (
                )

            [category__and] => Array
                (
                )

            [post__not_in] => Array
                (
                )

            [post_name__in] => Array
                (
                )

            [tag__in] => Array
                (
                )

            [tag__not_in] => Array
                (
                )

            [tag__and] => Array
                (
                )

            [tag_slug__in] => Array
                (
                )

            [tag_slug__and] => Array
                (
                )

            [post_parent__in] => Array
                (
                )

            [post_parent__not_in] => Array
                (
                )

            [author__in] => Array
                (
                )

            [author__not_in] => Array
                (
                )

            [ignore_sticky_posts] => 
            [suppress_filters] => 
            [cache_results] => 1
            [update_post_term_cache] => 1
            [lazy_load_term_meta] => 1
            [update_post_meta_cache] => 1
            [post_type] => 
            [nopaging] => 
            [comments_per_page] => 50
            [no_found_rows] => 
            [order] => 
        )

    [tax_query] => WP_Tax_Query Object
        (
            [queries] => Array
                (
                )

            [relation] => AND
            [table_aliases:protected] => Array
                (
                )

            [queried_terms] => Array
                (
                )

            [primary_table] => wp_posts
            [primary_id_column] => ID
        )

    [meta_query] => WP_Meta_Query Object
        (
            [queries] => Array
                (
                )

            [relation] => 
            [meta_table] => 
            [meta_id_column] => 
            [primary_table] => 
            [primary_id_column] => 
            [table_aliases:protected] => Array
                (
                )

            [clauses:protected] => Array
                (
                )

            [has_or_relation:protected] => 
        )

    [date_query] => 
    [request] => SELECT SQL_CALC_FOUND_ROWS  wp_posts.ID FROM wp_posts  WHERE 1=1  AND wp_posts.ID IN (23362,24847,27344) AND wp_posts.post_type = 'post' AND ((wp_posts.post_status <> 'trash' AND wp_posts.post_status <> 'auto-draft'))  ORDER BY FIELD(wp_posts.ID,23362,24847,27344) LIMIT 0, 3
    [posts] => Array
        (
            [0] => WP_Post Object
                (
                    [ID] => 23362
                    [post_author] => 7
                    [post_date] => 2018-08-20 09:23:13
                    [post_date_gmt] => 2018-08-20 07:23:13
                    [post_content] => Bij de transformatie van de Bijlmerbajes naar het woongebied Bajes Kwartier[1] in Amsterdam is circulariteit uitgangspunt. Er is een groot circulair team samengesteld dat in een proces van cocreatie probeert de kansen te pakken die hergebruik van bouwmaterialen en een circulair bouwproces bieden. In het team zitten zowel circulaire ontwerpspecialisten van het loopbedrijf en materiaalexperts, als studenten en onderzoekers van de Hogeschool van Amsterdam. Daardoor worden de dilemma’s van hergebruik niet alleen inzichtelijk gemaakt, maar worden ook creatieve oplossingen gezocht om hoogwaardig hergebruik mogelijk te maken.


Circulaire dilemma’s

Met de energietransitie en vooral de verplichting van energieneutrale nieuwbouw, komt de productiekant van de bouwsector onder een vergrootglas te liggen. Die is nu allesbehalve circulair te noemen. De bouwindustrie is een grondstofintensieve sector met een hoge milieubelasting. Voordat die in 2050 volledig circulair draait, is een omslag nodig in denken en doen.[2] Aan de hand van praktijkvoorbeelden duidt dit artikel de drie meest prangende dilemma’s, die een oplossing vergen voordat circulair bouwen de norm kan worden. Dit artikel verscheen eerder in ROm 7-8, juli/augustus 2018 Circulair bouwen kent nog geen eenduidige en alom geaccepteerde methodiek. Het gevaar bestaat dat het woord circulair hierdoor een betekenisloos label wordt. Daarom is het belangrijk om het doel van circulair bouwen continu te spiegelen aan de gekozen oplossingen. In de kern gaat circulair bouwen om het toepassen, ontwerpen en organiseren van de bouw- en vastgoedsector op een wijze waarop de milieu-impact in de hele keten wordt geminimaliseerd; bij nieuwbouw, tijdens de exploitatie, bij verbouw en sloop. De grootste winst is te behalen met het toepassen van materialen die een lage milieubelasting hebben. De schaduwprijsmethode MilieuPrestatie Gebouwen (MPG) van het Rijk biedt hier al een methode voor[3]. Vervolgens is het zaak om hergebruik van materialen mogelijk te maken gedurende de levensloop en bij sloop van gebouwen. Zowel qua milieubelasting als financieel is de meeste winst te behalen door systeemelementen als gevelpanelen, kozijnen en kolommen als geheel te hergebruiken. Tot slot vraagt hergebruik om een organisatie die de functionele waarde van gebouwelementen opslaat. Dat kan met een gebouwelementenpaspoort bijvoorbeeld via het Circular Building Platform dat tevens het beoogde platform wordt voor de handel in gebouwelementen[4]. Figuur 1 geeft schematisch de drie onderdelen weer van een circulaire bouw- en vastgoedsector.

Reorganisatie van de bouwkolom

Om een circulaire bouw- en vastgoedsector mogelijk te maken is een radicale reorganisatie nodig van de huidige bouwpraktijk, in de organisatie van en rolverdeling in de bouwkolom. Zo stuurt Coert Zachariasse van de Delta Development Group als ontwikkelaar actief op het toepassen van circulaire cradle-to-cradlebouwmaterialen. Voor de bouw van kantoren in Park 2020[5] in de gemeente Haarlemmermeer, betrekt hij uitsluitend leveranciers die circulaire producten kunnen leveren[6]. Hij is een uitzondering. De meeste inkoopafdelingen bij aannemers kennen nog lang niet altijd de laatste circulaire producten, laat staan dat ze die inkopen. Het Cradle 2 Cradle-label helpt daar natuurlijk bij, maar om circulariteit in de bouwkolom verder te brengen zijn er veel meer circulaire inkoopspecialisten nodig.

Veranderen van heersende bouwmethoden

Een volgend dilemma is de bouwmethodiek. De wijze waarop we in Nederland bouwen, past niet bij circulaire principes. Beton en cement hebben een zeer hoge milieu-impact. Een echt circulair gebouw minimaliseert het aandeel beton en cement daarom zoveel mogelijk. En de betonnen onderdelen die dan nog overblijven dienen dan op zijn minst prefab te worden toegepast en herbruikbaar te zijn. Hetzelfde geldt voor andere bouwmaterialen en gebouwonderdelen, van verven tot installaties, van isolatiemateriaal tot dakbedekking. Het circulaire paviljoen Circl[7] op de Zuidas is een actueel voorbeeld waar circulair bouwen tot in de details is doorgevoerd. Dat kon omdat opdrachtgever ABN AMRO specifiek vroeg om een gebouw dat circulair is en dus niet conform conventionele bouwmethoden kon worden gebouwd. De circulaire doelstelling heeft daar geleid tot beperkte toepassing van beton in de kelder en draagstructuur, en daarvoor in de plaats het toepassen van houten draagbalken en wandconstructies.

Herwaardering van materialen

Tot slot is een herwaardering nodig van nieuwe en oude gebouwelementen en materialen. Nieuwe materialen zijn relatief goedkoop. Dat komt omdat de milieulast niet in de prijs wordt doorberekend en wel in de totale MilieuPrestatie van gebouwen (MPG). Die norm van 1.0 is nu zo ruim dat hergebruik van bestaande materialen, kostbaar door de benodigde bewerkingen en opslag voor hergebruik, niet kan concurreren met nieuwe materialen. Tegelijkertijd zijn er veel kansen. Zo kan een andere bouw- en vastgoedpraktijk leiden tot nieuwe waarderingsvormen van vastgoed. Denk aan een hogere restwaarde voor circulaire gebouwen, gebouwonderdelen met een terugkoopregeling, of die in eigendom blijven van leveranciers. Hoewel dit nog prematuur is zal een andere waardering van een circulaire bouw- en vastgoedpraktijk een belangrijk fundament zijn voor een vastgoedwereld waarin circulariteit de norm wordt.

Maarten Markus 

Maarten Markus is als Projectmanager Duurzaamheid betrokken bij gebiedsontwikkelingen van AM, waaronder Bajes Kwartier, Amsterdam. [1] http://www.bajeskwartier.com/ [2] Zie ook het Rijksbrede programma Circulaire Economie ‘Nederland Circulair in 2050’ (Rijksoverheid, 2016) [3] MilieuPrestatie Gebouwen – MPG (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland) https://www.rvo.nl/onderwerpen/duurzaam-ondernemen/gebouwen/wetten-en-regels-gebouwen/nieuwbouw/milieuprestatie-gebouwen [4] BAM ontwikkelt circulaire marktplaats voor de bouw (Cobouw, 2017). https://www.cobouw.nl/utiliteitsbouw/nieuws/2017/09/bam-ontwikkelt-marktplaats-voor-de-bouw-101252279 [5] http://www.park2020.com/ [6] De meetbare duurzaamheid van Coert Zachariasse (Cobouw, 2017) [7] https://circl.nl/ Dit artikel is eerder gepubliceerd in ROm.  [post_title] => Circulaire dilemma’s [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => closed [ping_status] => closed [post_password] => [post_name] => circulaire-dilemmas [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2018-08-20 14:51:27 [post_modified_gmt] => 2018-08-20 12:51:27 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://www.am.nl/?p=23362 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [1] => WP_Post Object ( [ID] => 24847 [post_author] => 10 [post_date] => 2018-10-02 15:51:57 [post_date_gmt] => 2018-10-02 13:51:57 [post_content] => AM is een integrale gebiedsontwikkelaar en bij elk project vragen wij ons af ‘Welke toegevoegde waarde kunnen we leveren?’ Ons doel is om gemixte en multifunctionele gebieden te ontwikkelen die als geheel aantrekkelijk zijn en bewoners veel te bieden hebben. Als blijkt dat het stapje extra dat wij zetten resulteert in mooie projecten als Hof van Holland, dan is dat een bevestiging dat we op de goede weg zijn. Als marktpartij kunnen we dit uiteraard niet alleen, lokale overheden hebben hierin een belangrijke taak. De kracht van een stad is niet vanzelfsprekend. Er moet met visie en daadkracht gewerkt worden! AM en VanWonen hebben onlangs samen de prijsvraag voor het centrumgebied Hof van Holland met het plan gewonnen, Hart van de Waalsprong. Na een jaar hard aan de prijsvraag voor de ontwikkeling van Hof van Holland gewerkt te hebben, mochten AM en VanWonen deze zomer bekend maken dat het bedrijf deze ontwikkeling van 11.500m2 commerciële ruimte, 450 woningen en bijbehorende parkeerfaciliteiten mag gaan realiseren. Een van de bepalende factoren was het duurzame en toekomstbestendige karakter van het plan, zoals het eerste energieneutrale winkelcentrum, waarmee AM haar duurzaamheidsambities waarmaakt. De eerste schep gaat in 2020 de grond in.

Dialoog

Voor de prijsvraag had de gemeente Nijmegen voor een zogenaamde ‘concurrentiegerichte dialoog’ gekozen. Wat betekent dat? Thijs Huis in het Veld, senior ontwikkelingsmanager bij AM: ‘Dat houdt in dat je met de gemeente op verschillende momenten de ontwikkeling van je plan bespreekt. Daar krijg je dan feedback op en kan er bijgestuurd worden. Het is een methode die steeds vaker wordt toegepast en heeft voor de uitschrijvende partij als voordeel dat deze meer ruimte heeft om bij te sturen, om zo optimaal de creativiteit aan de zijde van de ontwikkelaar te gebruiken. Het kan dan zomaar zijn dat het eindresultaat anders, wellicht beter is dan dat tevoren verwacht was.’ De eerste horde was de projectkwalificatie: ‘Daarin zijn we met zeven partijen gestart en daarvan zijn er drie naar de tweede ronde doorgegaan. We hebben hier met een team van zo’n vijftig mensen een jaar aan gewerkt. Dus er is behoorlijk wat tijd en energie in gaan zitten. Uiteindelijk hebben we gewonnen op alle criteria.

Inhaalslag

De Waalsprong is een nieuwe en zelfvoorzienende stadswijk die bij de Waal ontwikkeld wordt. De wijk zal uiteindelijk zo’n 30.000 mensen tellen. Het centrumgebied Hof van Holland wordt het hart van de wijk. Jan Ruitenberg ziet nieuwe kansen voor de retailmarkt door druk op de woningmarkt van grote steden. Dit geldt ook voor de Nijmegenaars die de ‘Waalsprong’ maken. Sommige wonen er al een tijdje en voor hen vinden wij het belangrijk om een inhaalslag maken op het voorzieningenniveau. Dit past binnen ons thema ‘Stad- en gebiedmaker’. Jan Ruitenberg: ‘Van dit soort ‘greenfield ontwikkelingen’ zie je er niet veel meer in Nederland. En het kan natuurlijk alleen op plekken waar het draagvlak te verwachten is. Zoals hier bij Hof van Holland, waar de groei in woningontwikkelingen het draagvlak voor de andere functies vormt. We zien datzelfde bij onze ontwikkeling, in samenwerking met Heijmans Vastgoed, Hoog Dalem in Gorinchem. Een autonome groei van winkelcentra is vandaag de dag zeldzaam geworden.’

Oog voor de toekomst

Bij de ontwikkeling van Hof van Holland staat ‘toekomstgerichtheid’ centraal. Wat betekent dat concreet? Hart van de Waalsprong wordt een duurzame, bruisende stadswijk met een uitgesproken eigentijds karakter. Met grondgebonden (stads)woningen, koop- en huurappartementen en sociale huurwoningen is er genoeg diversiteit. De wijk wordt een ‘gemengd stadje’ voor iedereen en met veel aandacht voor duurzaamheid. Thijs Huis in het Veld: ‘Dat betekent bijvoorbeeld dat de hele wijk energieneutraal wordt.’ Hart van de Waalsprong moet ook een ‘energieneutraal stadje’ worden met het meest duurzame winkelcentrum van Nederland. Niet alleen de woningen, maar dus ook de winkels en dat laatste is denk ik wel uniek. Dit is mogelijk door onder andere toepassing van zonnepanelen. Er is sprake van zichtbare duurzaamheid middels zonnepergola’s en innovatieve wadi’s, maar ook door de openbare tuinen, groene daken en waterpartijen. Ook is er sprake van duurzame mobiliteitsoplossingen. De gezamenlijke elektrische auto’s slaan energie op die eventueel ’s avonds weer gebruikt kan worden.

Duurzame gemeente

Was dit een eis van de gemeente? Jan Ruitenberg: ‘De gemeente heeft niet specifiek aan ons gevraagd om een duurzaam winkelcentrum te ontwerpen. Vooral het begrip ‘kwaliteit’ stond centraal in de briefing. Toch heeft de gemeente Nijmegen duurzaamheid hoog in het vaandel staan: niet voor niets is de stad dit jaar Green Capital van Europa. Maar ook AM heeft dit als rode draad door al haar ontwikkelingen lopen; van Bajes Kwartier tot Haarzicht en van CROSSOVER tot MERWEDE. We leggen de lat altijd bewust een stapje hoger en spreken daarom over ‘gedurfde duurzaamheid’. Dat zie je terug in de uitwerking van ons plan en de gemeente waardeert dat.’ Voor Hof van Holland wordt ingezet op mixed use: het mengen van werken, wonen en winkelen. Het accent komt te liggen op winkels waar de consument regelmatig naar toe moet, dus vooral winkels in de dagelijkse sector plus horeca. Ook de zorg- en maatschappelijke functies worden van meet af aan meegenomen. ‘Het verzorgingsgebied is nogal bijzonder, omdat het geen natuurlijke aansluiting op de stad en het kernwinkelapparaat heeft’ zegt Jan Ruitenberg. ‘Daarom moeten we veel aandacht besteden aan het creëren van een eigen hart met een geheel eigen (groen & water) karakter en dus bezoekmotieven combineren. Hof van Holland wordt de kern van deze wijk en ook een terrasje pakken kan straks zonder dat je naar het centrum van Nijmegen moet gaan.’ Thijs Huis in het Veld: ‘Voor de horeca kijken we naar lokale partijen die Nijmegen goed kennen en die hun bewezen concepten naar de andere kant van de rivier kunnen brengen.’

De Inclusieve Stad

‘Gedurfde duurzaamheid’ is een reeds genoemd thema, een andere is de ‘Inclusieve Stad’. Wat wordt daaronder verstaan? Thijs Huis in het Veld: ‘Dat heeft te maken met diversiteit. Als je kijkt naar de wijk Waalsprong dan zie je dat er al veel jonge gezinnen wonen en nog komen wonen. Maar we streven naar een bredere mix. Qua woningaanbod komen er dan ook sociale woningen, beleggers-huurwoningen, zorgwoningen en een flink aantal koopwoningen. Die laatste groep is heel divers met zowel grote als kleinere woningen aan de watersingel. Tevens komen er loftwoningen die het voor de woonconsument mogelijk maken om een bijzondere woonsfeer te creëren. Die zijn interessant voor bijvoorbeeld net afgestudeerde jonge mensen. Nijmegen als universiteitsstad levert jaarlijks een flink aantal afgestudeerden af, maar voor hen is er eigenlijk nauwelijks een geschikt woningaanbod. De gemeente wil deze groep graag vasthouden en wij bieden daar in ons programma oplossingen voor. Verder kijken we ook naar de doelgroep ‘empty nesters’. Deze mensen willen vaak in de buurt van de reuring wonen, maar hecht ook waarde aan recreatiemogelijkheden.’ Voorts wordt er ook nagedacht over een ander belangrijke thema bij AM ‘Healthy Urban Living and Working’. Jan Ruitenberg: ‘Onze landschapsadviseur heeft dit aspect nadrukkelijk in het plan opgenomen en we maken daarmee onder andere het gebruik van de fiets bijzonder gemakkelijk. Want de fiets wordt in het algemeen wel erkend als belangrijk en gezond vervoermiddel, maar lang niet altijd wordt het fietsgebruik goed gefaciliteerd. Hier wordt van meet af aan de fiets in de plannen meegenomen en krijgt echt z’n plek in dit centrumontwerp.’ Zo worden de winkels op een logische manier ontsloten op de bestaande fietsroutes. Er worden ruime fietsparkeerplaatsen op logische plekken gemaakt. En er worden elektrische (bak)fietsen in de mobiliteitsoplossing van We Drive Solar geleverd (zie hieronder).

Mobiliteit

En dan is aansluiten hierop het trefwoord mobiliteit. De toekomstige bewoners krijgen een abonnement aangeboden op deelmobiliteit. Zij kunnen hiermee beschikken over elektrische auto’s én fietsen. En qua auto’s zijn het niet alleen kleine modellen als de ZOE, maar ook grotere als de Tesla. Waarom deze aanpak? Thijs Huis in het Veld: Mensen die nog geen (tweede) auto hebben willen we verleiden om kennis te maken met de elektrische auto, waardoor ze mogelijk geen auto met brandstofmotor zullen aanschaffen. Dat stimuleren we dus. De elektrische auto’s maken daarbij ook deel uit van het energieplan in de wijk: ze kunnen zowel laden als ontladen in het grid. Door te werken met zonnepanelen kan een flink deel van de benodigde elektriciteit duurzaam opgewekt worden. Een speciale app verhoogt hierbij het gebruiksgemak.’

Duurzaamheid en retailers

De wijk Waalsprong wordt gasloos aangelegd en dat geldt zowel voor de woningen als de winkels. Nu is de implementatie van duurzaamheid richting winkels nog geen vanzelfsprekendheid. Hoe gaat AM daarmee om? Thijs Huis in het Veld (L) en Jan Ruitenberg bij de maquette van Hof van Holland Jan Ruitenberg: ‘De duurzaamheidsslag naar de retailer is inderdaad een ander verhaal. Want meestal regelt de retailer z’n eigen installaties, z’n eigen energievoorziening en duurzaamheidsmaatregelen. We willen dat nu vanaf het begin toch al als ontwikkelaar meenemen en er samen met de retailer voor zorgen dat dit een gunstig effect heeft op de exploitatie van de winkel. Denk aan verwarming, koeling en verlichting. Maar het is natuurlijk zo dat we hier pas mee kunnen starten als de retailer die handdoek oppakt en eraan mee wil werken. Grotere retailers zijn hier vaak al mee bezig, kleinere retailers willen we hiermee gaan helpen.’ Thijs Huis in het Veld: ‘Via de huurcontracten wordt ook met een Greenlist gewerkt. Daarin staat hoe de huurder met energie moet omgaan. Daarnaast zullen we energiezuinige verlichting gaan voorschrijven. En voor bijvoorbeeld warmeluchtgordijnen kan de retailer gebruik maken van elektra of het stadsnet met hoge-temperatuur water.’

Planning

Voor het Hof van Holland gaat in 2020 de eerste schep de grond in. In 2021 is dan waarschijnlijk fase 1 gereed en het totale plan in 2024. Jan Ruitenberg: ‘Vanuit eerdere projecten heeft de wijk Waalsprong al een fors aantal inwoners. Voor deze mensen zijn er nog geen voorzieningen. We overwegen om al snel tijdelijke winkels op de nieuwe plek neer te zetten, zodat de mensen alvast aan de locatie kunnen wennen. Want Hof van Holland wordt straks het centrumgebied voor iedereen uit de Waalsprong.’ De projectwebsite is te vinden op: www.hartvandewaalsprong.nl Dit artikel is eerder verschenen in Shopping Centre NEWS 4-2018 [post_title] => `We leggen de lat altijd bewust een stapje hoger en spreken daarom over gedurfde duurzaamheid. Dat zie je terug in de uitwerking van ons plan' [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => closed [ping_status] => closed [post_password] => [post_name] => in-nijmegen-komt-eerste-energieneutrale-winkelcentrum-van-nederland [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2018-10-08 13:57:35 [post_modified_gmt] => 2018-10-08 11:57:35 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://www.am.nl/?p=24847 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [2] => WP_Post Object ( [ID] => 27344 [post_author] => 7 [post_date] => 2019-03-26 09:14:10 [post_date_gmt] => 2019-03-26 08:14:10 [post_content] => Gedurfde duurzaamheid bij AM betekent een grote stap zetten voor het klimaat. Als eerste gaat hij naar Schoemaker Plantage in Delft met 600 nul op de meter woningen waar hij de projectontwikkelaar Han van Seumeren spreekt. Gedurfde duurzaamheid is meer dan energie alleen, het gaat ook over hoe wij omgaan met het veranderende klimaat. Vanuit Professor Schoemaker Plantage in Delft neemt Maarten ons mee naar Rijswijk Buiten waar hij  Frank Vonk, landschapsarchitect, spreekt over dit prachtige project en het klimaat. Ook mobiliteit is een belangrijk onderwerp bij duurzaamheid. Dit betekent minder autogebruik, met name in de steden. Maarten Markus bezoekt als derde project Merwede in Utrecht. Hij spreekt daar Tijmen Hamerslag, ontwikkelingsmanager AM, die ons vertelt dat er fors ingezet gaat worden op alternatieve vormen van mobiliteit. Tenslotte bezoekt Maarten Markus het nieuw te ontwikkelen groene gezonde stuk stad, Bajes Kwartier, in Amsterdam, waar hij ontwikkelingsmanager Eva Hekkenberg spreekt over circulair ontwikkelen en de rol van de ontwikkelaar hierin.  [playlist type="video" tracklist="false" ids="27422"] [post_title] => Reportage: Vier keer gedurfde duurzaamheid volgens AM [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => closed [ping_status] => closed [post_password] => [post_name] => reportage-over-gedurfde-duurzaamheid [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2019-03-26 09:18:16 [post_modified_gmt] => 2019-03-26 08:18:16 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://www.am.nl/?p=27344 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) ) [post_count] => 3 [current_post] => -1 [in_the_loop] => [post] => WP_Post Object ( [ID] => 23362 [post_author] => 7 [post_date] => 2018-08-20 09:23:13 [post_date_gmt] => 2018-08-20 07:23:13 [post_content] => Bij de transformatie van de Bijlmerbajes naar het woongebied Bajes Kwartier[1] in Amsterdam is circulariteit uitgangspunt. Er is een groot circulair team samengesteld dat in een proces van cocreatie probeert de kansen te pakken die hergebruik van bouwmaterialen en een circulair bouwproces bieden. In het team zitten zowel circulaire ontwerpspecialisten van het loopbedrijf en materiaalexperts, als studenten en onderzoekers van de Hogeschool van Amsterdam. Daardoor worden de dilemma’s van hergebruik niet alleen inzichtelijk gemaakt, maar worden ook creatieve oplossingen gezocht om hoogwaardig hergebruik mogelijk te maken.

Circulaire dilemma’s

Met de energietransitie en vooral de verplichting van energieneutrale nieuwbouw, komt de productiekant van de bouwsector onder een vergrootglas te liggen. Die is nu allesbehalve circulair te noemen. De bouwindustrie is een grondstofintensieve sector met een hoge milieubelasting. Voordat die in 2050 volledig circulair draait, is een omslag nodig in denken en doen.[2] Aan de hand van praktijkvoorbeelden duidt dit artikel de drie meest prangende dilemma’s, die een oplossing vergen voordat circulair bouwen de norm kan worden. Dit artikel verscheen eerder in ROm 7-8, juli/augustus 2018 Circulair bouwen kent nog geen eenduidige en alom geaccepteerde methodiek. Het gevaar bestaat dat het woord circulair hierdoor een betekenisloos label wordt. Daarom is het belangrijk om het doel van circulair bouwen continu te spiegelen aan de gekozen oplossingen. In de kern gaat circulair bouwen om het toepassen, ontwerpen en organiseren van de bouw- en vastgoedsector op een wijze waarop de milieu-impact in de hele keten wordt geminimaliseerd; bij nieuwbouw, tijdens de exploitatie, bij verbouw en sloop. De grootste winst is te behalen met het toepassen van materialen die een lage milieubelasting hebben. De schaduwprijsmethode MilieuPrestatie Gebouwen (MPG) van het Rijk biedt hier al een methode voor[3]. Vervolgens is het zaak om hergebruik van materialen mogelijk te maken gedurende de levensloop en bij sloop van gebouwen. Zowel qua milieubelasting als financieel is de meeste winst te behalen door systeemelementen als gevelpanelen, kozijnen en kolommen als geheel te hergebruiken. Tot slot vraagt hergebruik om een organisatie die de functionele waarde van gebouwelementen opslaat. Dat kan met een gebouwelementenpaspoort bijvoorbeeld via het Circular Building Platform dat tevens het beoogde platform wordt voor de handel in gebouwelementen[4]. Figuur 1 geeft schematisch de drie onderdelen weer van een circulaire bouw- en vastgoedsector.

Reorganisatie van de bouwkolom

Om een circulaire bouw- en vastgoedsector mogelijk te maken is een radicale reorganisatie nodig van de huidige bouwpraktijk, in de organisatie van en rolverdeling in de bouwkolom. Zo stuurt Coert Zachariasse van de Delta Development Group als ontwikkelaar actief op het toepassen van circulaire cradle-to-cradlebouwmaterialen. Voor de bouw van kantoren in Park 2020[5] in de gemeente Haarlemmermeer, betrekt hij uitsluitend leveranciers die circulaire producten kunnen leveren[6]. Hij is een uitzondering. De meeste inkoopafdelingen bij aannemers kennen nog lang niet altijd de laatste circulaire producten, laat staan dat ze die inkopen. Het Cradle 2 Cradle-label helpt daar natuurlijk bij, maar om circulariteit in de bouwkolom verder te brengen zijn er veel meer circulaire inkoopspecialisten nodig.

Veranderen van heersende bouwmethoden

Een volgend dilemma is de bouwmethodiek. De wijze waarop we in Nederland bouwen, past niet bij circulaire principes. Beton en cement hebben een zeer hoge milieu-impact. Een echt circulair gebouw minimaliseert het aandeel beton en cement daarom zoveel mogelijk. En de betonnen onderdelen die dan nog overblijven dienen dan op zijn minst prefab te worden toegepast en herbruikbaar te zijn. Hetzelfde geldt voor andere bouwmaterialen en gebouwonderdelen, van verven tot installaties, van isolatiemateriaal tot dakbedekking. Het circulaire paviljoen Circl[7] op de Zuidas is een actueel voorbeeld waar circulair bouwen tot in de details is doorgevoerd. Dat kon omdat opdrachtgever ABN AMRO specifiek vroeg om een gebouw dat circulair is en dus niet conform conventionele bouwmethoden kon worden gebouwd. De circulaire doelstelling heeft daar geleid tot beperkte toepassing van beton in de kelder en draagstructuur, en daarvoor in de plaats het toepassen van houten draagbalken en wandconstructies.

Herwaardering van materialen

Tot slot is een herwaardering nodig van nieuwe en oude gebouwelementen en materialen. Nieuwe materialen zijn relatief goedkoop. Dat komt omdat de milieulast niet in de prijs wordt doorberekend en wel in de totale MilieuPrestatie van gebouwen (MPG). Die norm van 1.0 is nu zo ruim dat hergebruik van bestaande materialen, kostbaar door de benodigde bewerkingen en opslag voor hergebruik, niet kan concurreren met nieuwe materialen. Tegelijkertijd zijn er veel kansen. Zo kan een andere bouw- en vastgoedpraktijk leiden tot nieuwe waarderingsvormen van vastgoed. Denk aan een hogere restwaarde voor circulaire gebouwen, gebouwonderdelen met een terugkoopregeling, of die in eigendom blijven van leveranciers. Hoewel dit nog prematuur is zal een andere waardering van een circulaire bouw- en vastgoedpraktijk een belangrijk fundament zijn voor een vastgoedwereld waarin circulariteit de norm wordt.

Maarten Markus 

Maarten Markus is als Projectmanager Duurzaamheid betrokken bij gebiedsontwikkelingen van AM, waaronder Bajes Kwartier, Amsterdam. [1] http://www.bajeskwartier.com/ [2] Zie ook het Rijksbrede programma Circulaire Economie ‘Nederland Circulair in 2050’ (Rijksoverheid, 2016) [3] MilieuPrestatie Gebouwen – MPG (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland) https://www.rvo.nl/onderwerpen/duurzaam-ondernemen/gebouwen/wetten-en-regels-gebouwen/nieuwbouw/milieuprestatie-gebouwen [4] BAM ontwikkelt circulaire marktplaats voor de bouw (Cobouw, 2017). https://www.cobouw.nl/utiliteitsbouw/nieuws/2017/09/bam-ontwikkelt-marktplaats-voor-de-bouw-101252279 [5] http://www.park2020.com/ [6] De meetbare duurzaamheid van Coert Zachariasse (Cobouw, 2017) [7] https://circl.nl/ Dit artikel is eerder gepubliceerd in ROm.  [post_title] => Circulaire dilemma’s [post_excerpt] => [post_status] => publish [comment_status] => closed [ping_status] => closed [post_password] => [post_name] => circulaire-dilemmas [to_ping] => [pinged] => [post_modified] => 2018-08-20 14:51:27 [post_modified_gmt] => 2018-08-20 12:51:27 [post_content_filtered] => [post_parent] => 0 [guid] => https://www.am.nl/?p=23362 [menu_order] => 0 [post_type] => post [post_mime_type] => [comment_count] => 0 [filter] => raw ) [comment_count] => 0 [current_comment] => -1 [found_posts] => 3 [max_num_pages] => 1 [max_num_comment_pages] => 0 [is_single] => [is_preview] => [is_page] => [is_archive] => [is_date] => [is_year] => [is_month] => [is_day] => [is_time] => [is_author] => [is_category] => [is_tag] => [is_tax] => [is_search] => [is_feed] => [is_comment_feed] => [is_trackback] => [is_home] => 1 [is_privacy_policy] => [is_404] => [is_embed] => [is_paged] => [is_admin] => [is_attachment] => [is_singular] => [is_robots] => [is_favicon] => [is_posts_page] => [is_post_type_archive] => [query_vars_hash:WP_Query:private] => 8b63e3ea06e99cf8b24005e4e5a42641 [query_vars_changed:WP_Query:private] => [thumbnails_cached] => [stopwords:WP_Query:private] => [compat_fields:WP_Query:private] => Array ( [0] => query_vars_hash [1] => query_vars_changed ) [compat_methods:WP_Query:private] => Array ( [0] => init_query_flags [1] => parse_tax_query ) )
AM - Inspiring Space Inspiring Space
Regulated by RICS
AM is onderdeel van Koninklijke BAM Groep NV © AM 2020