Interview Inspired by #16 Harry Platte

De inclusieve stad is een onderwerp dat ook in de wereld van de woningcorporaties de nodige aandacht krijgt. Harry Platte is directeur-bestuurder van Parteon, de sociale verhuurder in de Zaanstreek. Welke invulling geeft hij met zijn organisatie aan inclusiviteit en wat betekent dit voor de huurders van Parteon?

Wat betekent het begrip ‘inclusiviteit’ voor jezelf?

‘Het is een begrip dat met enige regelmaat weer een andere naam krijgt. Dat geeft ook wel de ontwikkeling in de tijd aan. In 2016 hebben de grote stadscorporaties van De Vernieuwde Stad inclusiviteit als centraal thema benoemd en sindsdien daar een aantal keren een draai aan gegeven. Eind vorig jaar hebben we weer een nieuwe stap gezet en het onderwerp “sociale ecologie als verbinding” geïntroduceerd als jaarthema voor 2021. Het gaat in principe steeds over hetzelfde maar we proberen steeds nieuwe dimensies te ontdekken. Naar mijn idee is de inclusieve stad ook niet een vastomlijnd eindbeeld maar eerder een mindset van hoe we met de stad omgaan: alle fysieke en sociale aspecten die het leven in een stad bepalen en die we niet los van elkaar kunnen zien.’

Hoe geven woningcorporaties invulling aan de opgave van de inclusieve stad?

‘Nadat we een aantal jaren stevig door het Rijk in het hok waren geknuppeld, mogen en kunnen we nu gelukkig weer meer om ons heen kijken. Een heroriëntatie op de samenleving en wat wij daarvoor kunnen betekenen. Ik ben daar heel blij mee; het was even heel karig op dat vlak, ook noodgedwongen door de verhuurdersheffing. De focus was louter op betaalbaar wonen. Inmiddels mogen we ons gelukkig weer verhouden tot de grote maatschappelijke thema’s. We mogen daar weer over nadenken. En dat niet vanuit een houding van arrogantie of paternalisme, zo van: wij lossen dat inclusiviteitsvraagstuk wel even voor u op. Maar wel vanuit een gevoel van betrokkenheid en verantwoordelijkheid: wij hebben op dit thema iets bij te dragen en pakken dat graag met anderen op. Waar wij een paar jaar geleden bewust niet aan een Armoedetafel plaatsnamen omdat we geen toegevoegde waarde hadden, kunnen we die de komende jaren hopelijk wel leveren. Maar dat geldt ook voor onderwerpen als duurzaamheid en gezondheid. Dat is het bijzondere van het begrip wonen: alle dimensies van de samenleving komen daarin samen.’

Een mooie ambitie maar die vraagt nog wel een concrete uitwerking.

‘Zeker. We hebben het thema geagendeerd en onderzoeken nu hoe we dat handen en voeten kunnen geven in onze praktijk. AM doet dat op een vergelijkbare wijze: een thema beetpakken, bestuderen en vervolgens vertalen naar de dagelijkse wereld van de gebiedsontwikkeling. Niet voor niets hebben de corporaties van De Vernieuwde Stad gevraagd aan Maarten Hajer (hoogleraar Urban Futures Rijksuniversiteit Utrecht, red.) om ons hierbij te begeleiden en te inspireren. Hij heeft onder meer een aantal “proeftuinen” opgezet waarin we lokaal met sociale ecologie aan de gang zijn gegaan. Want dat is wel mijn adagium bij dit soort onderwerpen: ga het vooral doen en ga het ontdekken. De kunst is uiteindelijk om het verbinden met de mensen in onze buurten en wijken. Voor een deel is dat ook weer een beweging terug in de tijd en een herontdekking van het verleden, toen we als corporaties veel meer daar aanwezig waren – met een eigen buurtkantoor bijvoorbeeld. Dat kantoor kunnen we nu bijvoorbeeld samen herinrichten met bijvoorbeeld het sociale team van de gemeente. Maar ook huiswerkbegeleiding kan daar een plek krijgen, of een vergadering van de bewonerscommissie. Op zo’n manier kunnen we inclusie met elkaar verder vormgeven.’

De samenwerking met andere partijen klinkt hierin door als een belangrijk aandachtspunt?

‘Wij zien het thema inclusiviteit duidelijk terug in onze netwerken en onze overleggen met stakeholders. Vroeger zouden we een onderwerp als dit eerst helemaal zelf uitwerken om het vervolgens bij anderen neer te leggen. Nu gaan we eerst met een 70 procentsversie naar onze partners en vragen hen: moet het anders, wil je meedoen, wat heb je nodig? Zo boren we ook interessante nieuwe netwerken aan die ons over de grenzen van het fysieke domein heen brengen. Het is een manier van samenwerken die wederzijds om oefenen vraagt. Stellen we ons echt open voor elkaar? En hebben we de intentie het werkelijk anders te gaan doen? In het verleden hield ik wel eens een verhaal over een vergelijkbare ambitie die ik wilde oppakken en dan kreeg ik de reactie: leuk verhaal Platte maar de praktijk van jouw corporatie is heel anders, jouw medewerkers hebben dit niet zo op het netvlies. Het gaat er dus om dat de hele operatie meedoet. Inmiddels lijkt dat bij Parteon nu goed te lukken. We doen het met elkaar.’

Hoe verhoudt de genoemde aanpak van de proeftuinen zich tot de wens om inclusiviteit met partners vorm te gaan geven?

‘In de vier geselecteerde wijken in Assen, Amsterdam, Arnhem en Den Haag gaat het vooral om dat we elkaar inspireren en van elkaar leren: hoe geven jullie dit thema vorm en inhoud? We zoeken actief de partners in de wijken op proberen letterlijk de kennis van de straat te halen, bij de mensen waar het om gaat. Daarbij sluiten we aan bij de werkwijze die Maarten Hajer in zijn publicatie “Neighbourhoods for the future” heeft ontwikkeld (uitgave Trancity/Valiz, red.). Ik doe dat zelf ook, als ik bijvoorbeeld ergens een half uur te vroeg ben voor een afspraak. Even door de buurt lopen en in gesprek gaan met de mensen die ik tegenkom. Wat vinden ze van de buurt, wat kan er beter? Dat is altijd verrijkend. En het leert je om je op een ander niveau te verhouden tot de wijk – in plaats van alleen aan formele gesprekstafels aan te schuiven.’

Bij Parteon probeer je inclusiviteit organisatiebreed op te pakken, wat vinden medewerkers daarvan?

‘Ik merk dat het steeds meer herkend wordt. Voor een corporatiemedewerker is het natuurlijk een uitstekende houding, om te kijken hoe je anderen kunt helpen. Daarvoor zijn onze mensen ook dit werk gaan doen, omdat zij iets hebben met het sociale. En we ondersteunen ze daarin ook. Van onze complexbeheerders tot en met onze vakmensen: we leren ze waar ze op moeten letten als ze bij mensen achter de voordeur komen. Uiteindelijk hoop ik dat zowel onze huurders als onze medewerkers ervaren dat ze ertoe doen en dat ze erbij horen. Want de urgentie daarvan neemt niet af, integendeel. Er is een steeds grotere groep mensen in dit land die de ontwikkelingen niet goed begrijpt en niet meer goed kan meekomen. Daardoor groeit ook het wantrouwen tegen de instituties – waar wij als corporatie ook toe behoren. Dat ondergraaft de legitimiteit van ons handelen. Het is een maatschappelijke opgave waar we ons uitdrukkelijk toe moeten verhouden: een kleine elite snapt het allemaal wel en staat vooraan maar hoe betrekken we de grote groep mensen daarachter? Dat begint naar mijn idee met goed luisteren, één op één in een echt gesprek. Waar we ook de tijd voor nemen. Niet voor niets hebben we onze ondernemingsplan voor 2020-2030 het begrip “Thuis voelen” centraal gezet. Dat gaat om woningen, het huis in objectieve zin, maar ook om hoe mensen zich voelen in hun omgeving. Voelen ze zich veilig en gehoord? Dat is de basis die op orde moet zijn.’

Tot slot, wat verwacht je van een marktpartij als AM in dit kader?

‘De kunst is om met elkaar stad te maken. Dat lukt alleen wanneer we marktpartijen, gemeenten en corporaties op een goede manier aan elkaar koppelen. Willen we de samenleving verbeteren dan zijn we samen aan zet. Naar elkaar wijzen en polariseren heeft geen enkele zin, zoals ik nu wel in het woningbouwdebat bespeur. De manier waarop AM zelf maatschappelijke thema’s signaleert en daarmee aan de gang gaat, is veel productiever. Laten we in dit driehoeksverband optrekken naar de buurten en wijken, zodat we ten dienste staan van de inwoners. Bottom line is dat het gaat om sociale acceptatie van tal van thema’s. De energietransitie is bijvoorbeeld niet in eerste instantie een technische opgave, het is een sociaal vraagstuk. Herkennen mensen zich in de vraagstukken en in de oplossingen, hebben ze het gevoel dat ze mee mogen doen? Hoe krijgen we bewoners mee aan het stuur, daar denk ik graag met partijen als AM verder over na. We leren elkaar inmiddels kennen bij een project in Assendelft waar we samen onderzoeken of we een project met biobased woningen kunnen ontwikkelen. Dat is een mooie start.’

 

 

 

 

 

AM - Inspiring Space Inspiring Space
Regulated by RICS
AM is onderdeel van Koninklijke BAM Groep NV © AM 2022